Het rode plein

Ik lees weinig detectives, maar “Het rode plein” van de Russische auteursduo Neznansky / Topol heeft een verpletterende indruk op mij achtergelaten.
    De roman speelt in het begin van de jaren 80 in het hoge politieke milieu van Rusland. Het zijn Brezjnjevs nadagen. Een rijzende ster aan het communistische firmament is die van Joeri Andropov, leider van de KGB. In een poging Breznjev te wippen brengt hij Brezjnjevs zwager, Semjon Vigoen, in diskrediet door een corruptieschandaal te openbaren waarin hij als leidende figuur naar buiten komt. Vigoen pleegt zelfmoord. Eén voor één raken Brezjnjevs familieleden nu in opspraak. De finale slag lijkt toegediend te kunnen worden door geheime gesprekken van Brezjnjev zelf te openbaren. Alleen, de banden met die opnamen zijn zoek.
    Brezjnjev roept als laatste redmiddel de hulp in van een gevierd onderzoeker van het Openbaar Ministerie, Igor Sjamrajev, om de banden als eerste te vinden. De zoektocht naar de banden ontaardt vervolgens in een harde tweestrijd tussen de leiding van de Communistische Partij en die van de KGB.
    Het indrukwekkende van dit op zich vrij normale “James Bond-scenario” is de beschrijving van het harde leven van Moskou in 1982 en de maatschappelijke dominantie van de Communistische Partij.
    De huidige positie van de Russische Maffia wordt in “Het rode plein” in een historische context geplaatst. Dit is bijna net zo aangrijpend als het onverwachte einde van de roman.

Helaas is de Nederlandse vertaling momenteel niet te vinden (het is ook al 20 jaar oud), maar sommige antiquariaten bieden het in het Engels aan en geloof dat bij Pegasus de Russische editie ligt. Het kan ook zijn dat het boek in het Nederlands vertaald is als “De Kremlin koorts”, maar dat weet ik niet zeker…
    NEZNANSKY / TOPOL – Het rode plein